Inkomstenbelasting

Eigenwoningregeling

Lowkey Automation · Bijgewerkt op 11 oktober 2026

De kernregels, controlepunten en bronnen voor dit onderwerp.

De eigen woning als hoofdverblijf valt in box 1: het eigenwoningforfait wordt bij het inkomen geteld en rente op de eigenwoningschuld is aftrekbaar, mits de schuld voldoet aan de aflossingseis. De regeling omvat onder meer de bijleenregeling en verhuisregelingen.

Kernregels

ElementWaardeGrondslag
Eigenwoningforfait, hoofdschijf (WOZ € 75.000 - € 1.350.000)0,35% van de WOZ-waarde (2026)art. 3.112 Wet IB 2001
Maximale looptijd eigenwoningschuld (aflossingseis)360 maanden, ten minste annuïtairart. 3.119a lid 1 onderdeel b Wet IB 2001
Verlengingstermijn eigen woning bij leegstand ter verkoop / in aanbouwten hoogste 3 voorafgaande of volgende jarenart. 3.111 lid 2 en lid 3 Wet IB 2001
Verhuisregeling na relatiebeëindiging / opname in zorginstellingten hoogste 2 jaar na vertrekart. 3.111 lid 4 en lid 5 Wet IB 2001
Vervaltermijn eigenwoningreserve (bijleenregeling)3 jaar na toevoeging van het vervreemdingssaldoart. 3.119aa lid 2 en lid 3 Wet IB 2001

(wettekst geldend per 2026)

Controleer in je dossier

  • Bij vertrek na relatiebeëindiging is van belang of de vertrokken partner (mede-)eigenaar is gebleven; zonder eigendom vervalt renteaftrek onder de verhuisregeling (ECLI:NL:HR:2022:765).
  • Bij nieuwbouw of sloop kwalificeert een bouwkavel al als woning in aanbouw zodra concrete stappen zijn gezet; een enkel voornemen is onvoldoende (art. 3.111 lid 3 Wet IB 2001; ECLI:NL:HR:2014:2873).
  • Bij een schuld aan een aannemer of projectontwikkelaar gelden de aflossings- en informatie-eisen pas vanaf aflossing of eerdere levering (art. 3.119a lid 5 Wet IB 2001).
  • Bij oversluiten van een eigenwoningschuld is zakelijke boeterente onmiddellijk aftrekbaar (art. 3.119a lid 9 Wet IB 2001; ECLI:NL:HR:2023:1570).
  • Bij verkoop met overwaarde bepaalt de eigenwoningreserve (art. 3.119aa Wet IB 2001; vaststelling desgewenst bij beschikking, art. 3.119b) hoeveel van de volgende aankoop als kwalificerende eigenwoningschuld meetelt: de aanschafkosten verminderd met de reserve (art. 3.119a). Bij een koopprijs van € 400.000 en een reserve van € 100.000 is € 300.000 het vertrekpunt. Of daarvoor aflossing vereist is, volgt uit een afzonderlijke toets (art. 3.119c, met overgangsrecht voor bestaande eigenwoningschulden).
  • Bij onderbrenging in een afgezonderd particulier vermogen is bepalend of de woning vóór inbreng al eigen woning was, want alleen dan blijft zij via art. 2.14a Wet IB 2001 als eigen woning van de inbrenger gelden (ECLI:NL:HR:2022:1559).

Bronnen

Gerelateerde thema's

Verder zoeken in de kennisbank

Zoek op wetsartikel, uitspraak of onderwerp. AI-chat is een aparte betaalde functie en vereist een opgeslagen kaart.

Over deze themapagina

Lowkey Automation (KvK 42057580, Amsterdam) stelt de thema's op uit de wetteksten, rechtspraak en beleidsstukken in de Lowkey-kennisbank. De gebruikte bronnen staan hierboven onder Bronnen, met een link naar de officiële vindplaats. Deze themapagina is algemene informatie, geen advies.