Fiscale kennisbank

Fiscale thema's

De kernregels, controlepunten en bronnen per fiscaal onderwerp. Kies een onderwerp of zoek op een trefwoord.

Vennootschapsbelasting

VE

ATAD2 hybride mismatches

Maatregelen tegen hybride mismatches bij grensoverschrijdende structuren met hybride lichamen of instrumenten, met een eigen documentatieverplichting.

VE

Bedrijfsfusie

Bij een bedrijfsfusie tegen aandelen hoeft de overdrachtswinst niet direct te worden belast, behalve als ontgaan of uitstellen van belasting het doel is.

VE

CFC-regeling (aanvullende maatregel)

De CFC-maatregel betrekt besmette voordelen van een gecontroleerd lichaam in een laagbelastende jurisdictie in de grondslag, tenzij activiteit wezenlijk is.

VE

Deelnemingsvrijstelling

Voordelen uit een deelneming van doorgaans ten minste 5% zijn vrijgesteld in de vennootschapsbelasting, behalve bij een laagbelaste beleggingsdeelneming.

VE

Eindafrekening en exitheffing

Bij vertrek uit Nederland wordt afgerekend over alle nog niet belaste voordelen, waaronder stille reserves; binnen de EU/EER kan de invordering worden gespreid.

VE

Fiscale beleggingsinstelling (fbi)

Een fiscale beleggingsinstelling die aan de statutaire en uitdelingseisen voldoet, wordt belast naar nul procent en moet de winst binnen acht maanden uitdelen.

VE

Fiscale eenheid

Op verzoek worden moeder en dochter voor de vennootschapsbelasting als één belastingplichtige behandeld, bij ten minste 95% bezit en gelijklopende boekjaren.

VE

Fonds voor gemene rekening en open cv

Een fonds voor gemene rekening is zelfstandig vennootschapsbelastingplichtig als het aan de wettelijke definitie voldoet; de open cv niet meer sinds 2025.

VE

Geruisloze terugkeer uit de BV

Een onderneming kan zonder fiscale afrekening terugkeren uit de BV naar de IB-sfeer, met een terugkeerreserve om de fiscale claim te behouden.

VE

Innovatiebox

Voordelen uit zelf ontwikkelde immateriële activa worden tegen een verlaagd tarief belast, met een S&O-verklaring en soms een octrooi als toegangsticket.

VE

Juridische fusie

Bij een juridische fusie gaat vermogen onder algemene titel over; de fusiewinst blijft buiten aanmerking zolang ontgaan van belasting niet het doel is.

VE

Juridische splitsing

Bij een juridische splitsing gaat vermogen onder algemene titel over op een verkrijger, die fiscaal in de plaats treedt van de splitsende rechtspersoon.

VE

Liquidatieverliesregeling

Een verlies bij liquidatie van een deelneming is aftrekbaar als uitzondering op de deelnemingsvrijstelling, beperkt voor grotere buitenlandse belangen.

VE

Renteaftrekbeperking (earningsstripping)

Renteaftrekbeperking uit ATAD1: het rentesaldo is aftrekbaar tot het drempelbedrag of een percentage van de fiscale EBITDA. De rest schuift onbeperkt door.

VE

Vaste inrichting en objectvrijstelling

Winst van een buitenlandse vaste inrichting blijft via de objectvrijstelling buiten de Nederlandse grondslag, behalve bij een definitief stakingsverlies.

VE

Verliesverrekening

Verliezen in de vennootschapsbelasting zijn een jaar terug en onbeperkt voorwaarts te verrekenen, boven 1 miljoen euro winst voor maar 50% van het meerdere.

VE

Vrijgestelde beleggingsinstelling (vbi)

De vrijgestelde beleggingsinstelling is vrijgesteld van vennootschapsbelasting zonder uitdelingsverplichting, maar alleen voor financiële instrumenten.

Inkomstenbelasting

IN

Aanmerkelijk belang (box 2)

Een belang van ten minste 5% in een vennootschap valt in box 2: dividend en vervreemdingsvoordelen worden belast met een tweeschijventarief.

IN

Afschrijving op gebouwen

Afschrijving op een gebouw stopt bij de bodemwaarde, gekoppeld aan de WOZ-waarde; de beperking geldt voor eigen gebruik en belegging.

IN

Box 3 (sparen en beleggen)

Box 3 belast het voordeel uit sparen en beleggen boven het heffingvrije vermogen; bij een lager werkelijk rendement geldt rechtsherstel.

IN

Conserverende aanslag bij emigratie

Bij emigratie legt de inspecteur een conserverende aanslag op voor onder meer de ab-claim en pensioenaanspraken, met uitstel van betaling.

IN

Eigenwoningregeling

De eigen woning als hoofdverblijf valt in box 1: het eigenwoningforfait wordt bijgeteld en rente is aftrekbaar bij een lening die aan de aflossingseis voldoet.

IN

Fiscaal partnerschap

Naast echtgenoten en samenwonenden met samenlevingscontract geldt fiscaal partnerschap ook bij een gezamenlijk kind, eigen woning of pensioenaanmelding.

IN

Geruisloze inbreng in de BV

Bij omzetting van een IB-onderneming in een BV kan zonder afrekening worden ingebracht; vervreemding binnen drie jaar doet overdracht vermoeden.

IN

Giftenaftrek

Giften aan ANBI's en steunstichtingen zijn aftrekbaar in de inkomstenbelasting en, tot een jaarmaximum, in de vennootschapsbelasting.

IN

Heffingskortingen

Deze kortingen verminderen de verschuldigde inkomstenbelasting; de algemene heffingskorting en arbeidskorting zijn inkomensafhankelijk en worden afgebouwd.

IN

Herinvesteringsreserve

Boekwinst bij vervreemding van een bedrijfsmiddel kan worden gereserveerd en afgeboekt op een vervangend bedrijfsmiddel, meestal binnen drie jaar te benutten.

IN

Investeringsaftrek (KIA, EIA en MIA)

Naast afschrijving kent de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek, EIA en MIA een percentage van het investeringsbedrag als extra aftrek op de winst.

IN

Lijfrenten en premieaftrek

Premies voor lijfrenten zijn aftrekbaar bij een pensioentekort, bepaald via jaar- en reserveringsruimte; uitkeringen worden later in box 1 belast.

IN

Lucratief belang

Vermogensrechten die mede een beloning voor werk zijn, zoals carried interest met hefboomwerking, worden in box 1 belast als lucratief belang.

IN

Persoonsgebonden aftrek

Deze aftrekposten, zoals alimentatie, specifieke zorgkosten en giften, verminderen eerst box 1, dan box 3 en dan box 2; onbenutte aftrek schuift door.

IN

Terbeschikkingstellingsregeling (tbs)

Vermogen dat ter beschikking wordt gesteld aan de eigen BV of aan een verbonden onderneming wordt belast als resultaat uit overige werkzaamheden in box 1.

IN

Totaalwinst en goed koopmansgebruik

De totaalwinst van een onderneming wordt over de jaren verdeeld volgens goed koopmansgebruik, met realiteit, voorzichtigheid en eenvoud als kernbeginselen.

IN

Voorkoming van dubbele belasting

Buiten verdragssituaties voorkomt het Besluit voorkoming dubbele belasting dubbele heffing via de vrijstellings- of de verrekeningsmethode.

Loonbelasting

LO

30%-regeling

Onbelaste vergoeding van extraterritoriale kosten voor ingekomen werknemers met specifieke deskundigheid, op basis van een beschikking van de inspecteur.

LO

Auto van de zaak (bijtelling)

Een auto van de zaak voor privégebruik wordt forfaitair bijgeteld op het loon, met een verlaagd percentage voor emissievrije auto's binnen een cap.

LO

Excessieve vertrekvergoedingen

Werkgevers betalen 75% pseudo-eindheffing over het excessieve deel van een vertrekvergoeding, getoetst aan het loon in en vóór het vertrekjaar.

LO

Gebruikelijkloonregeling

De aanmerkelijkbelanghouder die voor zijn vennootschap werkt, neemt minimaal het gebruikelijk loon in aanmerking; een lager loon moet hij aannemelijk maken.

LO

Grensoverschrijdend werken en loonheffing

Belastingverdragen verdelen het heffingsrecht over grensoverschrijdend arbeidsinkomen via de 183-dagenregeling, de loondrager en een eventuele vaste inrichting.

LO

Inhoudingsplicht voor de loonheffingen

Inhoudingsplichtige is wie personen in dienstbetrekking heeft of als doorbetaler of buitenlandse werkgever is aangewezen en moet loonheffing afdragen.

LO

Pensioen in de loonheffing

Pensioenaanspraken binnen de wettelijke grenzen zijn vrijgesteld en de uitkeringen belast; onzuivere regelingen leiden tot heffing plus revisierente.

LO

RVU en pseudo-eindheffing

Regelingen voor vervroegde uittreding treffen de werkgever met een pseudo-eindheffing; vlak voor de AOW-leeftijd geldt een drempelvrijstelling.

LO

Werkkostenregeling (WKR)

Vergoedingen aan werknemers blijven onbelast binnen een gerichte vrijstelling of de vrije ruimte; overschrijding wordt belast met 80% eindheffing.

Btw

BT

Aftrek van voorbelasting

De ondernemer trekt btw af voor zover hij prestaties voor belaste handelingen gebruikt; bij gemengd gebruik wordt de aftrek gesplitst en kan herziening volgen.

BT

Btw bij oninbare vorderingen

Btw op een oninbare vordering wordt teruggegeven; de vordering geldt in elk geval als oninbaar een jaar na opeisbaarheid, met terugbetaling bij de afnemer.

BT

Btw en onroerend goed

Levering van onroerend goed is vrijgesteld, behalve nieuwbouw binnen twee jaar na ingebruikneming en bouwterreinen; opteren voor belaste levering is mogelijk.

BT

Btw-ondernemerschap en holdings

Ondernemer voor de btw is wie zelfstandig een bedrijf uitoefent; een holding is dat pas als zij zich tegen vergoeding mengt in het beheer van haar deelnemingen.

BT

Btw-suppletie en de suppletieplicht

Een onjuiste btw-aangifte van de afgelopen vijf jaar moet via een suppletie worden gecorrigeerd; niet of te laat suppleren is beboetbaar.

BT

Btw-tarieven

De btw kent een algemeen tarief van 21%, een verlaagd tarief van 9% voor Tabel I en een nultarief voor onder meer intracommunautaire leveringen.

BT

Btw-vrijstellingen

Vrijgesteld van btw zijn onder meer medische zorg, onderwijs, financiële diensten en de verhuur van oud onroerend goed, zonder recht op aftrek.

BT

BUA en privégebruik

Het BUA sluit btw-aftrek uit voor relatiegeschenken en personeelsverstrekkingen boven een drempel; privégebruik van bedrijfsgoederen is een fictieve prestatie.

BT

Factuurvereisten in de btw

Een factuur moet de wettelijk voorgeschreven gegevens bevatten, waaronder btw-nummers en het btw-bedrag; dit is in beginsel voorwaarde voor aftrek.

BT

Fiscale eenheid omzetbelasting

Verweven ondernemers gelden op grond van art. 7 lid 4 Wet OB 1968 als één btw-ondernemer; onderlinge prestaties blijven buiten de heffing.

BT

Herziening van voorbelasting

Aftrek van voorbelasting wordt gecorrigeerd bij ander gebruik dan bij aanschaf; de herzieningsperiode is vijf jaar voor roerende zaken, tien voor onroerende.

BT

Invoer-btw en de artikel 23-vergunning

Met een artikel 23-vergunning wordt invoerbtw verlegd naar de periodieke aangifte, zodat betaling aan de grens vervalt en directe aftrek mogelijk is.

BT

Kleineondernemersregeling (KOR)

Onder de omzetgrens kan worden gekozen voor een btw-vrijstelling zonder aftrek van voorbelasting; sinds 2025 geldt de EU-KOR ook in andere lidstaten.

BT

Margeregeling

Wederverkopers van gebruikte goederen en kunst voldoen btw over hun winstmarge in plaats van de verkoopprijs, via de individuele of globalisatiemethode.

BT

Plaats van dienst

Diensten aan ondernemers zijn belast waar de afnemer zit, diensten aan consumenten waar de dienstverrichter zit, met uitzonderingen zoals voor vastgoed.

BT

Verleggingsregelingen in de btw

Bij verlegging is niet de presterende ondernemer maar de afnemer de btw verschuldigd, zoals bij onderaanneming in de bouw en buitenlandse ondernemers.

Dividendbelasting

DI

Inkoop van eigen aandelen

Een vennootschap die eigen aandelen inkoopt, is dividendbelasting verschuldigd voor zover de inkoopprijs het gemiddeld gestorte kapitaal overtreft.

Bronbelasting

BR

Bronbelasting op dividenden

De conditionele bronbelasting treft sinds 2024 dividenden aan gelieerde lichamen in laagbelastende landen en misbruiksituaties, naar het hoogste Vpb-tarief.

BR

Bronbelasting op rente en royalty's

De conditionele bronbelasting treft rente- en royaltybetalingen aan gelieerde lichamen in laagbelastende jurisdicties en misbruiksituaties.

Schenk- en erfbelasting

SC

Bedrijfsopvolgingsregeling (BOR)

Voorwaardelijke vrijstelling van schenk- en erfbelasting voor ondernemingsvermogen, met bezits- en voortzettingseisen en doorschuifregelingen in de IB.

SC

Vrijstellingen schenkbelasting

De schenkbelasting kent jaarlijkse vrijstellingen voor kinderen en derden en een eenmalig verhoogde vrijstelling voor kinderen tussen 18 en 40 jaar.

Overdrachtsbelasting

Formeel belastingrecht

FO

ANBI-status

Een ANBI moet nagenoeg uitsluitend het algemeen nut beogen en aan integriteits- en publicatie-eisen voldoen; de status geeft toegang tot giftenaftrek.

FO

Belastingrente en invorderingsrente

Belastingrente loopt bij een te late of afwijkende aanslag, invorderingsrente bij late betaling; de percentages verschillen per belastingmiddel.

FO

Bezwaar en beroep in belastingzaken

Tegen een aanslag staat binnen zes weken bezwaar open, gevolgd door beroep, hoger beroep en cassatie; de termijnen zijn in beginsel fataal.

FO

Fiscale woonplaats

Woonplaats van een natuurlijke persoon volgt de duurzame band met Nederland, vestigingsplaats van een lichaam de plaats van de werkelijke leiding.

FO

Inkeerregeling

Tijdig alsnog een juiste aangifte doen voorkomt een vergrijpboete of leidt tot matiging; voor box 2- en box 3-inkomen geldt alleen matiging.

FO

Keten- en inlenersaansprakelijkheid

Inleners en aannemers in een keten zijn hoofdelijk aansprakelijk voor niet afgedragen loonheffingen; een g-rekening beperkt dit risico.

FO

Naheffing

Bij aangiftebelastingen zoals btw en loonheffingen kan te weinig betaalde belasting binnen vijf jaar worden nageheven, vaak met een verzuim- of vergrijpboete.

FO

Navordering

De inspecteur kan navorderen bij een nieuw feit, kwade trouw of een kenbare fout; de termijn is vijf jaar, of twaalf jaar voor buitenlandse bestanddelen.

Kennisbank

Zoek direct in de volledige fiscale kennisbank